Elektrische deelwagens binnen Mobiliteitsbudget

Sinds 1 januari 2026 komen alleen nog maar elektrische wagens in aanmerking binnen het wettelijk mobiliteitsbudget. Dit geldt niet alleen voor de leasewagens in pijler 1, maar ook voor deelwagens in pijler 2. Een duidelijke stap richting verduurzaming door middel van vergroening van het bedrijfswagen- en deelwagenpark in België. Een keuze die we vanuit onze missie om ‘samen België schoner te maken’ alleen maar kunnen aanmoedigen als The New Drive.

In de bedrijfswereld anno 2026 stellen we vast dat de markt van leasewagens daar effectief klaar voor is. Hetzelfde kan echter niet worden gezegd over de markt van deelwagens. Het aandeel elektrische deelvoertuigen betrof eind 2024 nog slechts 24.1% van alle deelwagens. Bij aanbieders zoals Cambio (350+ voertuigen, Mobilyze en BattMobility zitten er vandaag al elektrische voertuigen in het aanbod. Deze laatste zet zelfs de komende weken in op een pin-a-car-actie om locaties met een hoge vraag naar elektrische voertuigen in kaart te brengen.

Het nieuwe jaar bracht daarom verontwaardiging met zich mee toen honderden werknemers, die eerder bewust voor pijler 2 kozen, ontdekten dat ze de niet-elektrische deelwagen in hun buurt niet langer kunnen bekostigen met hun mobiliteitsbudget. Wie toevallig wél een elektrische deelwagen voor de deur heeft staan kan zich gelukkig prijzen. Wie dat niet heeft, moet uitwijken naar het openbaar vervoer om elders een elektrische deelwagen te vinden. Maar je voelt de bui al hangen, dat kan de reistijd aanzienlijk verlengen, los van het feit dat deze schaarse elektrische deelwagens nu door een veelvoud van gebruikers zullen worden bejaagd. Eén van onze collega’s testte dit zelf: op een dinsdagochtend was zij 50 minuten onderweg naar de dichtstbijzijnde beschikbare elektrische deelwagen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

De maatregel om alleen nog elektrische lease- en deelwagens te kunnen betalen met het wettelijk mobiliteitsbudget is een krachtige incentive voor de deelwagenaanbieders in België om zo snel mogelijk werk te maken van een transitie naar een groener wagenpark. Een versnelling en transitie die we vanuit The New Drive blijven aanmoedigen, mits een overgangsperiode tot de markt kan volgen en het aanbod voor zij die reeds bewust voor duurzame mobiliteit kozen, beschikbaar is.

Werknemers die hun bedrijfswagen inruilden voor het mobiliteitsbudget, en expliciet kozen voor pijler 2 in plaats van een (groenere) wagen in pijler 1, zien vandaag hun mobiliteitskeuzes beperkter worden. Dat zet het vertrouwen in het mobiliteitsbudget onder druk. Terwijl dat budget net bedoeld is om de privéwagen als vanzelfsprekend vervoermiddel te doorbreken.

Tegelijkertijd vergt duurzaamheid vaak wat extra planning. We spreken niet voor niets ook over een mental shift. Als je er niet aan denkt om een eigen tas mee te nemen naar de winkel, dan krijg je er niet langer één gratis, dat weet iedereen. Je kan dan wel nog een herbruikbare tas kopen, maar daar hangt een prijskaartje aan vast, een milde vorm van ‘de vervuiler betaald’. Deelwagengebruiker zijn al veel bezig met hun reis, ze plannen hun verplaatsingen, kiezen bewust hun vervoermiddel en reserveren vooraf. Die mentale inspanning verder verzwaren door een schaars aanbod en grotere afstanden werkt contraproductief voor een duurzame modal shift.

Als The New Drive pleiten we daarom voor overgangsmaatregelen die de aanbieders stimuleren om hun vloot op korte termijn te vergroenen, maar tegelijkertijd de gebruiker, die al goed bezig is, niet te ontmoedigen. Alleen zo blijft het mobiliteitsbudget geloofwaardig én effectief als hefboom voor duurzame mobiliteit.

Heb je nog vragen? Geen zorgen! Onze collega Nele helpt je graag verder! Neem contact op via: nele.strumane@thenewdrive.be

De Ins en Outs van stedelijk fietsdelen

Deelfietssystemen

Deelmobiliteit en met name fietsdelen wint aan populariteit en gaat in toenemende mate een rol spelen in de mobiliteitsambities bij gemeenten, provincies en (vervoers)regio’s. Zowel individuele gemeentes, vervoerregio’s en provincies zetten projecten op om fietsdelen te introduceren. The New Drive ondersteunt een aantal lokale overheden, vervoerregio’s en provincies in België en Nederland bij de verkenning, marktconsultatie en aanbestedingen om tot een deelsysteem te komen. Soms op regionale schaal, soms op schaal van een stad of gemeente. We nemen je graag mee in een aantal afwegingskaders en keuzes. Meer weten? Neem gerust contact met ons op.

In onze projecten zien we dat deelfietsen worden ingezet in verschillende situaties, elk met eigen doelen, soorten gebruik en effecten op bereikbaarheid en modal shift. Afhankelijk van het doel en het beoogde gebruik, worden deelfietsen geplaatst op verschillende locaties, zoals OV-knooppunten, woonwijken, bedrijventerreinen etc. We maken daarnaast onderscheid tussen verschillende soorten systemen, afhankelijk van hoe de fietsen teruggebracht kunnen worden

Naast stedelijke deelfietssystemen denken verschillende andere steden of regio’s na over regionale deelfietssystemen. Zo zijn in verschillende Vlaamse vervoerregio’s reeds regionale deelfietssystemen actief, vanuit Vervoer op Maat. Ook in Nederland denken bijvoorbeeld de provincie Noord-Holland, Vervoerregio Amsterdam en de regio Utrecht & Amersfoort er over na om een regionaal deelfietssysteem op te zetten.

Systeemkenmerken stedelijk deelfietssysteem

De stedelijke deelfietssystemen onderscheiden zich dus van andere systemen op een aantal gebieden en kenmerken. Zo zijn het publiek toegankelijke systemen die bewoners en bezoekers kunnen gebruiken om zo een modal shift te realiseren. Ook verlagen ze de fietsparkeerdruk en worden ze dus voornamelijk uitgebouwd rond verschillende soorten locaties en hubs. Een stedelijk deelfietssysteem wordt vaak ook gekenmerkt door zijn fijnmazigheid binnen een back-to-many systeem.

Marktgedreven of overheidsgedreven stedelijke deelfietssystemen

Voor stedelijke deelfietsensystemen zijn er op Europese schaal twee manieren om deelfietsen als overheid te faciliteren. Je laat het initiatief bij de marktpartijen of je neemt als overheid zelf het initiatief, door een opdracht in de markt te zetten. Beide opties hebben hun voor- en nadelen; het is een beleidskeuze zonder goed of fout antwoord. The New Drive kan bij deze beleidskeuze mee ondersteunen door de voor- en nadelen van beide systemen objectief te bekijken.  

Hoe tot een stedelijk deelfietssysteem komen?

Om deelfietssystemen te parametriseren werken we bij The New Drive nu al meer dan 9 jaar volgens een vast stappenplan, met 5 hoofdstappen en een aantal verdiepende keuzes per stap:


Doelstellingen / target

Het is belangrijk om, op basis van de beleidsvisie van een stad over deelmobiliteit en specifiek deelfietsen, duidelijke doelen voor het deelfietssysteem te stellen. Wat wil je bereiken? Welk probleem wil je aanpakken? Wat wil je mogelijk maken met het systeem?

Potentiële gebruikers / doelgroep

Daarnaast moet het stedelijk deelfietssysteem ook goed afgestemd zijn op de doelgroep die geformuleerd is in o.a. de beleidsvisie of de hierboven geformuleerde doelstellingen. De doelgroep kan redelijk breed zijn, met zowel bewoners als bezoekers (werknemers, studenten en toeristen). Onderzoek en bevragingen onder deelfietsgebruikers leert dat de meest aangehaalde motieven, voor het gebruik van een deelfiets, woon-werkverkeer (dus forenzen) en vrijetijdsbesteding zijn. Hierbij wordt aangegeven dat de voornaamste reden om een fiets te gebruiken, de continue beschikbaarheid van een fiets, de vrijheid en de flexibiliteit zijn.

Systeem / vorm

Om te voorkomen dat de deelfietsen andere plekken in de openbare ruimte innemen (verrommeling van het openbare domein), wordt in de stad bij voorkeur gewerkt met een back-to-many systeem met vaste locaties. Hiermee kan je de fiets op elke vastgelegde locatie ophalen en achterlaten. Dit draagt bij aan het beperken van de inname van de openbare ruimte.

Omvang en locaties

Om aan de doelstellingen te voldoen, kan het deelfietssysteem uitgerold worden aan OV-knooppunten, bedrijvenzones, P+R-locaties, …

Samenwerkingsvorm

Vertrekkend vanuit de bovenstaande doelstellingen en parameters moet tot slot de keuze voor een bepaalde marktbenadering worden gemaakt. Hiervoor moet men de vraag stellen of de stad het deelfietssysteem wil laten werken volgens vrijheid aan de markt, of wil ze het systeem reguleren (vergunningen uitdelen) of stimuleren (concessie geven)? Hier is het belangrijk om op voorhand goed na te denken waarvoor je kiest. Alle samenwerkingsvormen hebben namelijk verschillende voor- en nadelen én juridische impact.

Voor Netwerkorganisaties

2xl xl lg md sm xs 2xs